OTAP Developmentomgeving
Gebaseerd op OTAP heeft Luna een development platform ontwikkeld met meervoudige machines per developer, de zogenaamde developer seats. In de praktijk is een developer tegelijkertijd met meerdere versies en/of configuraties bezig en het is van tevoren moeilijk in te schatten hoeveel resources de developer maximaal nodig heeft. In de traditionele manier van werken is het aantal machines beperkt tot één of maximaal twee per developer. Niet zelden remt dit de productiviteit. Het concept van de developer seats biedt een oplossing voor dit probleem: door de voor ontwikkeling gebruikte machines te virtualiseren, biedt Luna een grote mate van flexibiliteit in het aantal machines dat een developer in gebruik kan hebben.
Onderstaande figuur is een weergave van de OTAP omgeving van Luna. De verschillende servers zijn hierin opgenomen evenals de projectadministratie, het ticketsysteem, de versiebeheer server en een dataserver. De projectadministratie zorgt voor de communicatie met alle belanghebbenden, met name de communicatie tussen de niet-technische staf en de ontwikkelaars. Bij het ontwikkelen van software is versiebeheer van groot belang. Het versiebeheer wordt ondergebracht op de versiebeheer server. Een zeer toegankelijke aanvulling voor het documenteren van bugs en geïmplementeerde functionaliteit is de WIKI server. Desgewenst kan deze worden toegevoegd aan de OTAP-straat.
Om de OTAP straat optimaal te laten functioneren is het belangrijk de relatie tussen de partijen goed in kaart brengen. Luna levert de benodigde infrastructuur, bestaande uit netwerk- en hardwarecomponenten. Daarnaast verzorgt Luna het beheer en onderhoud aan deze infrastructuur. Het beheren van de ontwikkelomgeving is sterk afhankelijk van de voorkeur van de ontwikkelaars zelf en de gewenste toegang. Met name bij veel gebruik via VPN heeft het voordelen om de ontwikkelsystemen te hosten, daar de bandbreedte dan slechts afhangt van de verbinding van de gebruiker.
De inrichting van test en acceptatie zijn sterk productafhankelijk. De trend is om de omgeving voor grotere applicaties zoveel mogelijk te standaardiseren, daar dit problemen veroorzaakt door combinaties met andere programmatuur vrijwel geheel elimineert. De kosten die samenhangen met testen kunnen zo ook sterk worden teruggebracht, daar deze dimensie in de definitie van de tests nauwelijks meer een rol speelt.
Voor virtualisatie is een belangrijke rol weggelegd. De applicatie kan door virtualisatie beschikken over een gestandaardiseerde,abstracte machine met Operating System. Deze omgeving is voor alle servers in de OTAP straat identiek en minimaliseert de risico’s die gepaard gaan met het in productie nemen van de software op servers met afwijkende specificaties.
Voor het virtualiseren heeft Luna gekozen voor VMWare. Het verpakken van een applicatie in een virtuele machine levert een scherp te bewaken resultaat op, waar VMware aan refereert als Virtual Appliance (VAP). Het verschil tussen een Virtual Appliance en een Virtual Machine is dat de Virtual Appliance beschikt over een volledig pre-installed en pre-configured Applicatie en OS omgeving, terwijl de Virtual Machine slechts een kale machine met operating systems is waarop een applicatie geïnstalleerd kan worden.
Om een dergelijke VAP te kunnen inzetten, zijn zowel tests door de applicatieleverancier als tests door de beheerspartij en de gebruiker(s) noodzakelijk. Ook ontwikkelaars doen de nodige tests om de functionaliteit van de door hen ontwikkelde software te toetsen. OTAP verdeelt deze testrollen over de diverse stappen:
- Ontwikkeling is de verantwoordelijkheid van de applicatieleverancier. In deze fase vindt ook het testen van individuele componenten plaats.
- Test valt eveneens onder verantwoordelijkheid van de leverancier van de applicatie, concentreert zich op de integratie en validatie op feature set zoals deze door de leverancier met haar afnemers is overeengekomen. Het perspectief is dat van de leverancier zelf.
- Acceptatie is de fase waarin zowel klant als beheerder tests uitvoeren. De klant toetst de mate waarin de applicatie aan de verwachtingen/afspraken voldoet, de beheerder concentreert zich op de vraag of de afgeleverde software in productie genomen kan worden.
- Productie is de fase waarin de applicatie door de gebruikers in de dagelijkse gang van zaken wordt ingezet, daarbij ondersteund door de beheerder.
- Het Ticket-systeem staat voor de mogelijkheid voor de betrokken partijen om problemen/tekortkomingen te delen en te bespreken.
Het invoeren van deze systematiek gebeurt in overleg met de betrokkenen en afhankelijk van de impact in meer of minder fases worden opgedeeld.
Indien de leverancier niet vertrouwd is met SaaS of formele projectmethodieken dan is het zelfs verstandig om niet alleen de invoering te faseren, maar ook de organisatie de kans te geven in stappen de interne veranderingen die bij OTAP horen te maken. Dat kan leiden tot tussenstappen die in het uiteindelijk model geen rol meer spelen.
Wilt u meer informatie of een voorstel op maat, neem dan contact op met Luna voor een vrijblijvende afspraak met één van onze business consultants via sales@luna.nl of op telefoonnummer 010 – 750 20 00.